Ons eigen kruis

Maandagmiddag. Dochter komt sip thuis. Ze heeft ruzie met Vriendin. Ze heeft onhandig gecommuniceerd over een afspraak en dat is door Vriendin opgevat als een afwijzing. Zo heeft Dochter het niet bedoeld, maar Vriendin is niet van haar overtuiging af te brengen. Dat maakt Dochter machteloos en verdrietig. Het is niet de eerste keer dat zich iets dergelijks afspeelt tussen Dochter en Vriendin en ik merk dat ik me boos maak. Maar daar fleurt het betraande gezicht van Dochter bepaald niet van op. Ik voel, dat ik de situatie onrecht doe met mijn boosheid. Op de één of andere manier hoort Vriendin bij Dochter, ondanks het feit dat Dochter om geen ander zo verdrietig kan zijn als om Vriendin.
Ik besluit het even te laten. ´s Avonds in bed gaan mijn gedachten echter weer terug naar het verdriet van Dochter en ik vraag in stilte of ik inzicht mag krijgen hoe ik Dochter zo goed mogelijk kan ondersteunen hierin.
In de daaropvolgende droom krijg ik antwoord.

Ik zie een berg, met daarop een soort stok of boom. Ik kan niet goed zien wat het is, omdat ik alleen de onderkant zie. Een stem begint te vertellen. De stem legt mij uit, dat wij hier op aarde voortdurend te maken krijgen met het onbewuste handelen van onze medemensen. Net zoals, gaat de stem verder, onze medemensen te maken krijgen met het onbewuste handelen van onszelf. Reageren we op dat onbewuste handelen van die ander door boos te worden of door hetzelfde terug te doen, dan gaan we mee in het onbewuste gedrag van de ander. De ander reageert weer op onze reactie en zo ontstaat een vicieuze cirkel van oorzaak en gevolg die eindeloos doorgaat, tót het moment dat één van ons besluit om het onbewuste handelen van de ander te dragen, dat wil zeggen: het te ondergaan zonder iets terug te doen of te verlangen.

Ik word wakker lijkt het, in ieder geval houdt de stem even op en het beeld verandert. Het is alsof een camera op een iets hoger stuk inzoomt. Ik zie nu een groter deel van wat toch het meest op een dikke stok lijkt. Daarboven wordt de lucht zichtbaar, die donker en dreigend is. De stem gaat verder. Het enige dat erop zit, zegt de stem, is, om het onbewuste handelen van de ander te dragen, door ons te beseffen, dat datgene wat de ander ons aandoet, wij eens de ander hebben aangedaan; door ons te realiseren, dat ook wij onze onbewuste stukken hebben, die op hun beurt door de ander gedragen worden.

Het beeld verdwijnt weer en de stem is stil. De ‘camera’ zoemt nu een stuk hoger in en ik kijk recht in de donkere lucht. Langzaam bouwt het middenbeeld zich op, en datgene waarvan ik dacht dat het een stok was blijkt een groot kruis te zijn. In het midden van dat kruis hangt Jezus. Niet op de manier zoals ik me dat altijd had voorgesteld – als het absolute slachtoffer van een krankzinnig geworden menigte –, maar in vol bewustzijn, hoewel zijn ogen gesloten zijn en zijn lichaam gebroken naar beneden hangt. Het is bijna alsof Hij degene is die mij heeft toegesproken, alsof Hij mij iets heeft willen leren over mijn eigen kruis, met zichzelf als voorbeeld. Ineens begrijp ik, dat die uitspraak ‘mijn eigen kruis’ niet simpelweg slaat op de hoeveelheid moeilijkheden die ik in dit leven te verduren krijg, zoals ik het tot nog toe altijd had uitgelegd. Mijn eigen kruis slaat op het kleine stukje dat ik aan de wereldvrede kan bijdragen door de gevolgen te accepteren en te ondergaan, die ik ondervind van datgene wat ik eerder zelf heb aangericht vanuit mijn eigen onbewuste handelen. Omdat ik anders mét die ander in een vicieuze cirkel blijf hangen, waarin wij beiden wisselend slachtoffer en dader zijn, zonder dat één van ons ook maar een stap verder komt.
Het enige dat mij rest, is, de ander te vergeven, vanuit de wetenschap, dat die ander niet anders is dan ikzelf. Vanuit het begrip, dat die ander vanuit onbewustzijn heeft gehandeld, zoals ook ik regelmatig vanuit onbewustzijn handel – waarbij ook ík hoop, dat die ander mij begrijpt en vergeeft.

Als ik wakker word zie ik Vriendin en Dochter weer voor mij. Ik zie hoe Dochter niet anders kan dan accepteren dat Vriendin op bepaalde gebieden nog iets te leren heeft. Maar ik zie ook hoe Vriendin glimlacht om het chaotische gedrag van Dochter en hoe in dat opzicht de rollen precies omgekeerd zijn.

 

Saskia Wols